‘Ik was op zoek naar een sociaal beroep. Vroeger vond ik school heel leuk; ik ging er sterker door in mijn schoenen staan. Omdat ik vind dat een school een belangrijke bijdrage levert aan een stevige basis voor alle kinderen, ging ik eerst op de pabo kijken, maar ik vond de doelgroep te jong. Het voortgezet onderwijs leek me leuker. Daarom ben ik naar de lerarenopleiding wiskunde in Rotterdam gegaan.
Steeds meer opvoeder
In het derde jaar van mijn studie zocht ik een parttime baan en kwam ik op het Lyceum Ypenburg terecht. Ik kreeg zodoende een realistisch beeld van het vak.
Je krijgt als docent steeds meer de rol van opvoeder. Je geeft kinderen veel meer dan alleen je vak. Ik vind het belangrijk dat leerlingen een goede basis en sociale vaardigheden meekrijgen. Je kunt hen niet veranderen, maar je kunt hen wel een beetje bijsturen.
Afwisseling
Binnen twee jaar na mijn diplomering heb ik mijn master voor remedial teaching gehaald. Dat geef ik nu ook. Die combinatie van wiskunde en remedial teaching is heel leuk, ik houd van de afwisseling. Als remedial teacher ben ik ook met ouders, docenten en teamleiders bezig, en met de vraag “Hoe geven we remedial teaching vorm binnen de school?”
Goede kansen voor ontwikkeling
Als je er zelf voor openstaat, zijn de kansen om je te ontwikkelen heel goed. Er is veel meer uit te halen dan alleen het lesgeven zelf. Een nadeel van alle scholing is wel dat je binnen school blijft. Wil je iets anders, dan moet je weer gaan studeren.
Veel humor
Dit werk kost zeker veel energie, maar het geeft je juist ook kracht. De kinderen hebben veel humor en zijn lekker direct. De positieve instelling waarmee ik mijn lessen geef, zie ik bij de leerlingen terug. Negatieve dingen vallen daardoor gewoon weg.’